020 – 305 58 00

Diabetes Mellitus

Diabetes Mellitus

Diabetes mellitus, ook wel suikerziekte genoemd, is een chronische stofwisselingsziekte, die iedereen kan overkomen. Het lichaam kan de bloedsuikerspiegel niet meer zelf binnen de normale grenzen houden. Ook hebben patiënten vaak een afwijkende vetstofwisseling en hoge bloeddruk. Sommige mensen hebben wel meer kans om het te krijgen dan anderen. Er zijn meerdere typen diabetes. De meest voorkomende zijn diabetes type 1 en type 2. In beide gevallen is de bloedsuikerspiegel te hoog.

Type 1
Bij mensen met diabetes type 1 maakt het lichaam zelf geen insuline meer aan. Het ontstaat vrij plotseling, en meestal op jonge leeftijd (0-25 jaar). Wie type 1 diabetes krijgt moet altijd insuline spuiten. Risicofactoren voor het ontwikkelen van diabetes type 1 zijn nog nauwelijks bekend maar waarschijnlijk spelen virussen, milieufactoren en voeding ook een rol. Erfelijkheid speelt slechts een heel beperkte rol.

Type 2
Bij mensen met type 2 maakt de alvleesklier te weinig insuline aan en/of kan de insuline zijn werk niet meer goed doen, doordat er in de weefsels een zekere weerstand tegen de werking van insuline bestaat (insulineresistentie). Type 2 komt met name voor bij ouderen en bij mensen met overgewicht, onder wie ook steeds vaker jonge kinderen en jongeren. De behandeling bestaat meestal uit een combinatie van leefstijladvies (bewegen en voeding), medicijnen, en soms uiteindelijk ook insuline.

Risicofactoren voor het ontwikkelen van diabetes type 2 zijn een erfelijke aanleg, ernstig overgewicht, een ongunstige vetverdeling, gebrek aan lichamelijke activiteit, roken en voedingsfactoren. Vooral mensen die te veel verzadigd vet en te weinig onverzadigd vet en vezels eten, hebben een hoger risico op diabetes type 2. De toename van het aantal mensen met diabetes type 2 wordt vooral veroorzaakt door overgewicht. Type 2 is steeds meer een lifestyle aandoening.


De symptomen van diabetes type 1

Diabetes type 1 ontstaat wanneer het lichaam zelf geen insuline meer aanmaakt, omdat het afweersysteem de insuline producerende stellen aanvalt. Diabetes type 1 komt minder vaak voor dan type 2 en heeft een zwaardere impact op iemands dagelijks leven. Mensen met diabetes type 1 moet elke dag het bloedsuiker meten en insuline spuiten. Om het bloedsuiker op peil te houden moet men bij elke maaltijd bedenken hoeveel insuline nodig is. De precieze oorzaak van diabetes type 1 is niet bekend. Wel is ontdekt dat erfelijkheid een grote rol speelt.

De symptomen van diabetes type 1 zijn:

  • Veel moeten drinken en urineren
  • Plotseling gewichtsverlies
  • Ziek voelen
  • Hongerig gevoel of juist gebrek aan eetlust
  • Wazige zicht
  • Misselijkheid

De symptomen van diabetes type 2

Diabetes type 2 komt vaker voor dan type 1 en heeft een minder grote invloed op het dagelijks leven. Bij mensen die diabetes type 2 hebben, maakt de alvleesklier te weinig insuline aan en/of kan de insuline zijn werk niet meer goed doen. Dit wordt veroorzaakt omdat er in het weefsels een zekere weerstand tegen de werking van insuline bestaat. Bij 90% van de meeste mensen die diabetes hebben, betreft het diabetes type 2. Ook bij diabetes type 2 is de oorzaak niet helemaal duidelijk. De kans dat iemand diabetes type 2 krijgt wordt vergroot als de ziekte ook in de familie zit, als er sprake is van overgewicht en als iemand te weinig beweegt.

De symptomen van diabetes type 2 zijn:

  • Vaak dorst en veel urineren
  • Vermoeidheid
  • Last van de ogen
  • Wondjes genezen langzaam
  • Kortademigheid
  • Infecties komen regelmatig terug

DIAGNOSE

Meestal wordt de diagnose vastgesteld door de huisarts. Met een bloeddruppel kan de huisarts vaststellen of uw bloedglucose verhoogd is. Een verhoogde bloedsuiker kan echter ook bij toeval ontdekt worden. Wanneer er een vermoeden is dat u diabetes type 1 heeft, zal hij u doorsturen naar een internist. In het geval van type 2 zal de huisarts zelf de behandeling starten.

DE BEHANDELING VAN DIABETES

Type 1 diabetes
Bij type 1 diabetes maakt de alvleesklier helemaal geen insuline meer. Insuline kan alleen per injectie toegediend worden. U leert meteen de eerste dag spuiten. Daarbij moet u ook uw bloedglucose leren meten, met een klein apparaatje. U leert koolhydraten in de voeding tellen, en daarop de insuline aan te passen.

Type 2 diabetes
Wanneer u overgewicht heeft, kan afvallen al voor veel verbetering van de glucosespiegel zorgen. Hierdoor is het soms mogelijk om medicijnen uit te stellen. Een goede verdeling van de koolhydraten over de dag is ook van invloed.

Er zijn verschillende soorten medicijnen die de huisarts voor kan schrijven. Wanneer er zich complicaties voor doen, of als het instellen heel moeilijk is, kan het gebeuren dat de huisarts u naar de internist verwijst.

Afspraken
Bij het eerste bezoek wordt u altijd door de internist gezien en vindt lichamelijk onderzoek plaats. Er wordt uitgebreid gevraagd naar uw voorgeschiedenis en uw klachten. U krijgt een formulier mee voor het laboratorium.  Bij het tweede bezoek worden de gevonden resultaten besproken en een behandelplan opgesteld. Als het gaat om goed te behandelen of behandelde diabetes mellitus en er geen belangrijke complicaties zijn, kunt u worden terug verwezen naar de huisarts.

Als wordt besloten tot behandeling met insuline, vinden de vervolgconsulten plaats bij de diabetes verpleegkundige, die ieder bezoek met een van de internisten bespreekt. Bij behandeling met een insulinepomp zijn deze controles nog intensiever.

3 Maandelijkse controle
Elke diabetespatiënt komt 1 keer in de 3 maanden voor controle, om en om bij de dokter en de diabetesverpleegkundige.  Er wordt vooraf bloed afgenomen en de uitslag daarvan wordt besproken. Verder wordt de bloeddruk gemeten en de bloedsuiker bekeken. Als alles goed gaat, krijgt u weer een afspraak voor over 3 maanden. Als het niet zo lekker gaat, er zijn bijvoorbeeld hypo’s of de bloedsuikers zijn juist te hoog, is het mogelijk dat we u eerder terug willen zien. We kijken dan samen hoe we meer balans kunnen bereiken. Soms kan dat met kleine dieetaanpassingen, soms moet de insuline aangepast worden.

Jaarcontrole
1 keer per jaar is de controle uitgebreider. De voeten worden gecontroleerd op afwijkingen, een afspraak met de oogarts wordt gemaakt en uw bloed wordt verder nagekeken.

Consult diabetes en sport
Medisch Centrum Jan van Goyen is gestart met een consult Diabetes en Sport voor diabetespatiënten type 1. Tijdens het eerste consult bespreken wij de uitkomsten van de vooraf gemailde vragenlijst en definiëren wij samen met de patiënt het probleem en het behandeldoel.

Voor een beter begrip van het glucoseprofiel tijdens het sporten bestaat de mogelijkheid om gedurende twee weken een continue glucosemeting te verrichten. Firma Abbott heeft zich bereid verklaard per patiënt één Freestyle libre meter te vergoeden ten behoeve van het sportconsult. Vervolgens houdt de patiënt twee weken een continue glucoseregistratie bij waarin sportactiviteiten, voeding, alcoholconsumptie en insulinetoediening in een dagboek worden geregistreerd.

Tijdens een consult met internist-endocrinoloog Iris Wentholt en diabetesverpleegkundige Trins van der Linden zal de continue glucosemeting samen met de inhoud van het dagboek gezamenlijk met de patiënt worden geanalyseerd, waarna een advies op maat kan worden gegeven.

HET DIABETESTEAM

De behandeling draait om u. Bij diabetes is een goed contact tussen het diabetesteam en de patiënt van groot belang. Bij ons komt u altijd bij dezelfde dokter en verpleegkundige op het spreekuur, waardoor er ook een band kan ontstaan.
Aanpassing van leefstijl vormt de basis van de behandeling en daarom geven wij u advies op maat. Wij kijken naar wat bij u past en samen bepalen we een doel om naar toe te werken.

Met wie krijgt u te maken?

De internist
De internist behandelt de medische kant van de diabetes en doet o.a. een uitgebreid lichamelijk onderzoek. Naar aanleiding van de onderzoeksresultaten stelt de internist een behandeling voor. De internist verwijst door naar de diabetesverpleegkundige, de diëtist en eventueel andere deskundigen.

De diabetesverpleegkundige
Het valt niet mee om diabetes in te passen in uw leven. Plotseling moet u nadenken bij allerlei zaken die voorheen automatisch gingen. Wat en wanneer zal ik eten? Wat is het effect van deze wandeling op mijn bloedsuiker? De diabetesverpleegkundige kan u daarbij helpen. Zij leert u zelf uw bloedglucose te prikken en uw insuline te spuiten. Zij begeleidt u in alle zaken die rond uw diabetes spelen. Inzicht krijgen in het ziektebeeld is belangrijk en de diabetesverpleegkundige kijkt hoe dat voor u het beste gaat. Uiteindelijk is het de bedoeling dat u zoveel mogelijk zelf uw diabetes regelt.

De verpleegkundige is gespecialiseerd in insulinepomptherapie en heeft ervaring met sensoren. Ook is het mogelijk om gedurende een bepaalde periode per mail de bloedglucoses te evalueren om snel tot een betere instelling te komen.

Jongvolwassenen
Daarnaast heeft ze veel kennis op het gebied van adolescenten en jong volwassenen met type 1 diabetes. Voor hen is het ook mogelijk een afspraak in de avonduren te krijgen. Dus ben je net 18 en toe aan een overstap van de kinderarts naar de internist, kom dan gewoon eens kennismaken, om te zien of het klikt.

De diëtiste
De diëtiste geeft voorlichting over voeding en diabetes. Voeding is een belangrijk onderdeel in de behandeling van diabetes omdat voeding (vooral de koolhydraten) en medicatie goed op elkaar afgestemd moeten zijn. De diëtist informeert u over een gezond voedingspatroon en helpt bij het inpassen van voedingsadviezen in het dagelijks leven.

COMPLICATIES BIJ DIABETES

De voornaamste reden om de bloedglucose zo normaal mogelijk te houden, is het voorkomen van complicaties. Als u al langere tijd diabetes heeft, kunnen bloedvaten en zenuwen beschadigd raken. Als gevolg daarvan kunnen verschillende organen minder goed gaan werken.

Hart en bloedvaten
Mensen met diabetes lopen grotere kans op een hartinfarct of een beroerte. Ook de vaten in de benen kunnen problemen geven, zoals etalagebenen of slecht helende wonden aan de voeten.

Ogen
De kleine bloedvaatjes in het netvlies kunnen gaan lekken. Als dit niet wordt behandeld met laser, kan het in het uiterste geval tot blindheid leiden.

Artsen

Dr. I. M.E. Wentholt
Iris Wentholt is opgeleid tot internist-endocrinoloog in het AMC en heeft e...

Lees meer

Dr. D.W.M. Verhagen
Dominique Verhagen studeerde geneeskunde aan de Universiteit van Amsterdam....

Lees meer

Afspraak maken diabetes mellitus

U kunt van maandag t/m vrijdag tussen 8.30 en 16.30 uur bellen voor een afspraak of mailen naar de poli interne geneeskunde. U heeft wel een verwijzing van uw huisarts nodig. 

Vanaf 9 januari 2017 kunt u ook op maandagavond van 17.30 tot 19.30 uur terecht op de poli interne geneeskunde.

Buiten kantooruren (alleen voor spoed) wordt de telefoon doorgeschakeld naar de diensttelefoon van de dienstdoende internist.

 

Locatie Emmastraat
T: 020 – 6622494
E: secretariaat-interne@jvg.nl

Na het versturen van het formulier ontvangt u een kopie in uw mail.
Niet leesbaar? Verander tekst